SpindleWorks Table Of Contents
< Back to Burning Candles In The Rain >

 A Friendly Smile

A  child's laughter, a warm embrace,
A friendly smile, a bird that sings.
A beautiful flower, a gentle breeze.
A golden sunrise, bright blue skies;
Soft falling rain, a breath of spring;
These things are all a part of
God's saving grace!

          C.E. Van Amerongen

Our Heavenly Father

Our Heavenly Father says,
I'll help you, I'll lend a hand;
Trust Me! Don't be afraid;
I will always be there for you,
I know exactly what you need!

Our Heavenly Father says,
I forgive you, I really care for you.
I even died for you:
There's something I want to share with you
If you are truly sorry for  your sins;
I'll be your Friend for Life!

                              C.E. Van Amerongen


< Back to Burning Candles In The Rain >
My Oma's biography
 Mrs. Cornelia Van Amerongen immigrated from Holland in 1958,
with her husband and nine children. She and her husband moved
to Hamilton, Ontario, Canada, where they lived
until her death on November 11,
1990.
Mrs. Van Amerongen enjoyed writing poetry. Her love for writing has
been passed to some of  her children and grandchildren.
 
November 30, 1914 - November 11, 1990.

Grootje

Op het klinker paadje,
Gaat een oud Oma’tje.
Ze heeft een dikke stok
En bij ieder stapje,
Geeft de stok een tapje.
Tip, tap, tip, tap, top.
T’oudje, ze gaat gebogen;
      Heeft een brilletje voor haar ogen
En een omslag doek,
      Over haar vogel kopje.
Zij gaat tot de hoek.
Tip, tap, tip, tap, tokje,
Doet haar dikke stok;
En haar stramme benen
Brengen haar daar henen.
Plotseling staat ze stil,
En haar rimpel snuitje
      Kijkt door het ruitje van haar bril,
En haar mondje stamelt,
T’haspelt en het hamelt.
Hu, wat is het kil;
En het oud Oma’tje
      Gaat op het klinker paadje,
Weer terug naar huis.
      In haar kleine huisje,
Staat haar wit fornuisje,
Gauw weer gloeiend heet.
      Knusjes in haar stoeltje;
Bij haar keurig boeltje,
      Zegt ze dan heel luid,
Ik ga niet meer uit.

                                C.V.A.

De Pret

Een kindje met blonde krullekens,
Een lachje om haar mond,
Zit in het wiegje.
En haar spullekens
Liggen op de grond.
  
Wie komt daar zachtjes binnen?
T’is Moederke, ze lacht,
Nu gaat het spel beginnen,
Waarop het kindje wacht.

Moe buigt zich over het bedje,
En pakt haar liefste schat,
En zo begint het pretje;
Het kindje gaat in bad.

De Moeder en het kindje;
Ze lachen en hebben pret,
En als ze weer gekleed is,
Dan moet ze weer naar bed.

Wie? Denk je van het beiden,
Had er schik het meest?
Ik denk het was voor beiden,
Voor hen, een heel groot feest!

                                          C.V.A.

De Avond Zon

Ik zat aan het strand;
In ‘t mulle zand,
Te kijken naar de volle pracht
Dat God heeft voort gebracht.
Hoe de zon in al haar heerlijkheid,
Verglijd in de zee.
Een vuurbal het heelal
      In kleuren zet,
      En was het net
Of dat de Hemel open ging,
      En k’even maar,
De gouden pracht mocht zien
Die binnen was!
Maar …….alras,
Vergleed het, t’was voorbij;
Doch t’mooie, al het mooie bleef voor mij.

                                                       C.V.A.


< Back to Burning Candles In The Rain >
SpindleWorks Table Of Contents